Wim Konings

18.08.2019

Roeien en ruiten.

Wim Konings (Haaksbergen, 1954) roeit. Solo, in de skiff.
Roeien is het afleggen van een afstand per boot. De afstand wordt verdeeld in parten: de halen van de roeier. Die halen zijn essentieel. Heel het lijf is bij het werk van de handen, die de roeiriemen hanteren, betrokken. Een haal is een opeenvolging van vouwen en ontvouwen van het lichaam. Bij het strekken van de armen, vouwen zich de benen. Zijn de benen gestrekt, dan zijn juist de armen gebogen. In de sequentie van buigen en strekken wordt de energie van het lichaam overgebracht naar de riemen. Het moment van de grootste kracht ligt halverwege deze complexe beweging. Iedere haal is het de uitdaging voor de roeier om energie om te zetten in snelheid van de boot. 

Wim concentreert zich op de haal. Bij de uitvoering analyseert hij deze. Hij realiseert zich wat verbeterd kan worden. De volgende haal is in potentie een betere. Zo werkt Wim gaandeweg naar een steeds perfectere haal. Daarin ligt de essentie van zijn roeien.

Wim Konings tekent.
Hij voorziet zijn papier van ruiten. Zij vormen een raster. Ook zijn voorbeeld – een foto – is gerasterd. Het beeld wordt verdeeld in parten. Wim concentreert zich bij het tekenen op de delen: de afzonderlijke ruiten van het raster. Door ieder deel met de volle aandacht weer te geven ontstaat telkens opnieuw de mogelijkheid perfectie te benaderen. De delen voegen zich als vanzelf aaneen. Verschillen zijn er, geen ‘haal’ is gelijk. De optelsom van alle pogingen volkomenheid te bereiken in de delen geven het totaal een subliem karakter. 

Door de verdeling van een groter beeld in kleinere delen is ook de werktijd van het tekenen opgedeeld in hanteerbare eenheden. Hierdoor is het eindresultaat een verzameling van voor altijd – mag je zeggen voor eeuwig? – verbeterde ogenblikken.

Olphaert den Otter

Corrie Brands

04.05.2019

Ik heb een behoefte ritueel te verzamelen, te ordenen en vorm te geven aan materiaal.  
Een materiaal boeit me door vorm, structuur, kleur of geur en door de plaats die het in de ruimte inneemt. 
Door die eigenschappen op me te laten inwerken, ontstaat er een idee voor een specifieke handeling.  Meestal een repeterende en eenvoudige, die leidt tot een beeld met een niet voorspelbare structuur en vorm. Het is een poging door te dringen in de aard van de dingen door materialen voor zichzelf te laten spreken. 

www.corriebrands.com


Hanuman Books

03.05.2019

Hanuman Books was founded by American art critic, curator, editor and publisher, Raymond Foyeand Italian painter Francesco Clementein 1986.

Clemente, in addition to suggesting books, painted the Hanuman Books logo, contributed money to pay for printing in India, and envisioned the design of the books. Clemente, for example, suggested sending black and white author photographs to be hand tinted, so Indian printers would influence the books.

Hanuman books were printed on a letter press at C.T. Nachiappan’s Kalakshetra Press in Madras (now Chennai), India. The acid-free pages were sewn together by local fishermen and others. All of the books have the same 3″ x 4″ dimensions. 

Handmade Indian paper and vegetable dyes enabled colorful covers. Titles stamped in gold and tinted author photographs appear on the dust jackets.

Nachiappan himself destroyed the first print-run of Bob Flanagan’s Fuck Journalin order to avoid prosecution under anti-obscenity laws, which applied to printers as well as publishers. He was convinced by Foye to print five hundred clandestine copies.

Very few copies remain and have proven exceedingly difficult to obtain.

The Hanuman collection here offered for sale formed part of a gift from Raymond Foye to Gerard Bellaart. All the books are in mint condition.


for order press button

Marenne Terlingen

08.03.2019

Toespraak Marjolijn van den Assem

Het waren vervreemdende tien jaren voor mijn hartsvriendin en collega Marenne Terlingen.
Ik dacht aan een gedicht van Innokenti Annenski:

‘Nee, ik wil niet, ik wil niet!
Wat? Geen mens, geen houvast, geen route?
Dooft de kaars door ‘t ademen uit?
Stil … ga nu op handen en voeten!’

En zó redde ze zich.
In den beginne richtte Marenne zich op de Vesuvius, die ze beeldend ontgon, 
totdat alle lava vrucht had gedragen.
De verbazing die dat opriep maakte weerbaar.
Weerbaar? Vechtlustig!

Marenne betrad de boksring, waarvan ze constateerde dat hij vierkant is
en ze liet zich alle hoeken van de ring zien.
Vedergewicht is haar categorie, krap 57 kilo mag men daarin wegen, schoon aan de haak.
In die blote, botte, geharnaste toestand bevocht ze haar drijfveren en ziedaar …
dat schiep tegenwicht.

We kunnen hier nu haar zielenroerselen volgen, verpakt in avontuur en veelzijdigheid.
Vederlicht zoals het een vedergewicht betaamt, maar ook
behendig omfloerst en zo ontwijkt ze onze interpretatie.
Op gevonden kartonnen, opgeraapte papieren, scheurde en schilderde ze, 
tekende en kraste ze, terwijl de spuitbus haar nog het meest bekoorde.
Ze schrijft zichzelf.

Het woord om en om gekeerd tot het zich voordoet als standpunt, openbaring, ontsnapping.
Tot er geen speld meer tussen te krijgen is,
tot de schoonheid er op volgt.

Men noemt haar wel ‘de vlinder’, 
wellicht omdat ze -soms incognito, weggedoken in de cocon van Vincents te grote jas- 
stoer op haar fiets de stad befladdert, 
lichtvoetigheid is de tegenhanger van de ernst.
Mohammed Ali, onze boksheld vatte zo het hele leven samen in:
“Float like a butterfly, sting like a bee”.

Dat is wat ze deed en ze tekende het ons voor.
De weerslag daarvan zien we hier in een album bijeen,
omdat Hans Walgenbach er de noodzaak van inzag.

‘Het werk maakt dat ik besta’ zei Marenne me onlangs, 
kernachtiger kan een kunstenaar het niet verwoorden.
Het synoniem van ‘verdergewicht’ is ‘pluimgewicht’,
een lauwerkrans voor een zwaargewicht die niet is gezwicht
maar vocht en overwon.

Keer op keer realiseren we ons
de zinvolle – zinloze – hoopvolle – hopeloze functie van kunst.
Misschien wel ons enige houvast.
Maar vooral de meest intense mogelijkheid tot medemenselijkheid.

Daarom wordt het joie de vivre van Marenne Terlingen hier tentoon gespreid,
lees het, vang het op, want de tentoonstelling is vanaf nu geopend!

Marjolijn van den Assem

Ben Zegers

25.02.2019

Gouwstraat 15
3082BA Rotterdam
open: vrijdag van 13 – 19 uur, zaterdag van 13 -17 uur en op afspraak
info@walgenbach.nl
+31 6 393 11 695

Tentoonstelling  
3-3 tot 31-3-2019 
Ben Zegers 
‘Souvenirs’
klein werk in diverse technieken
 Ben Zegers (1962) verstoort de maat van de dingen, maakt alles dat maatvast is maatloos, maakt alles dat diepte heeft plat en andersom. Zijn beelden zijn in vorm en inhoud zo elastisch dat ze onophoudelijk van identiteit veranderen. Het bestaan wordt gevat in een aanschouwelijk model, inschikkelijker dan de werkelijkheid. Met deze macht over inhoud en materie kan hij het bekende beeld tot zijn eigen beeld omvormen. Zijn beelden (stapelingen van herkenbare objecten en constructieve elementen), zijn knipsels en zijn (gefotografeerde) maquettes van bekende taferelen, het zijn altijd beelden die onderweg zijn naar hun bestemming, niet te duiden door zijn onophoudelijke spel met herkenbaarheid, proportie, functie en betekenis. 

Zegers werk bevindt zich o.a. in de collecties van Museum Boijmans van Beuningen, Haags Gemeentemuseum en de Caldic Collectie. Momenteel werkt hij in opdracht van Stadsontwikkeling en S.I.R. aan een sculptuur voor de Binnenrotte in Rotterdam.

Caroline Peters, ‘Rapiaria’

07.01.2019

Opnieuw gebonden drukwerk als assemblages. We worden overspoeld met alle soorten drukwerk en vlakken vol typografie en afbeeldingen.
Het stapelt zich om ons heen op. Eigenlijk bekijken we het niet eens meer aandachtig. Iedere manier van communiceren via drukwerk is
voorspelbaar en doelgroep gericht ingepalmd.Door de tijden en genres te mixen of te contrasteren binnen nieuwe vergaarthema’s kan het uiterlijk je ineens weer veel meer opvallen dan de inhoudelijke boodschap die het binnen een geproduceerd keurslijf had. Informatief, educatief, degelijk,
glamour, commercieel, kunstzinnig, antiek, hip, nietszeggend of slecht.
Aan mij de taak de nietszeggende boel opnieuw te sorteren, combineren en binden tot een nieuw beeldend associatief uniek geheel. 

Autobio

Ik groeide op in mijn kamertje te Den Haag naast de Staatsuitgeverij onder het ritmische gepuf van de persen die dagelijks draaien. Mijn vader was grafisch ontwerper die thuis aan de grote tafel met schaar, lijmtube, transparantje en picalatje moest puzzelen voor brood op de plank. Soms zat ik naast hem met mijn schaar om ook iets te knippen en plakken op mijn manier. Als tiener werd mn mening al gevraagd over de plaatsing van een paginanummering, de interlinie of in welk corps het fotobijschrift het beste was. Het bladspiegelgevoel is me als het ware met de ‘papschaar’ ingegoten.Hoewel ik van oerlelijke kinderboeken hield, heb ik met de tijd mijn esthetische smaak ontwikkeld, maar gelukkig nooit mijn zak voor lelijk drukwerk verloren. Zoals de reclamefolders in schreeuwende kleuren die op geen waaier te vinden zijn. Het drukwerk in wanstaltig lettertype lijkt zo van een oud Letrasetvel gewreven. Er is geen stukje van het papier onbenut. Dat misdrukwerk ligt
overal om ons heen voor het oprapen. Mijn vergaarbak met afvaldrukwerk neemt dan ook snel een enorme omvang aan. De wens een eigen boek te maken tijdens mijn ‘analoge’ kunstacademie (eindexamen 1987) dreef mij naar de zeefdruktafel en een boekbindcursus. Veel later, op een moment van pure verveling en wanhop, ontstond het eerste recycleboekje met een grote luciferdoos als omslag. Alles wat ik al lang verzameld had werd daarna, tot op de dag van vandaag, bewerkt en in elkaar genaaid en geplakt in de hoop dat het overal en nergens op een plank komt te staan. Gekoesterd, vergeten en veel verkast. En, tenslotte, …opnieuw afgedankt.

Caroline Peters
caropeters.nl